Terug
menu
Mute sound
Hoe een garage 5 gebouwen tegelijk kan zijn.
Receptioniste Geike begroet hartelijk elke bezoeker bij MaMu Architects in Hasselt. Alleen een beetje vreemd dat ze daarvoor haar neus gebruikt. Lees hier wat volgens architect Jeroen garagebouw zo complex maakt...
Lees het verhaal
Garagebouw is complex: industriebouw, maar met een high-end boetiekafwerking binnenin.
Receptioniste Geike begroet hartelijk elke bezoeker bij MaMu Architects in Hasselt. Ze snuffelt nieuwsgierig aan ieders schoenen en handen, maar loopt dan gelaten terug naar haar favoriete ligplek. Geike is de hond van architect Jeroen Maesen (de ‘Ma’ in MaMu). Het oude huisdier mag mee naar kantoor, zo ongedwongen is de sfeer hier. Maar er wordt hard gewerkt. Voor de energieke Jeroen moeten de projecten elkaar snel opvolgen, in 1 ruk door. Dat treft, want garagebouw moét vooruitgaan. Zo blijven bij een verbouwing showroom en werkplaats open, anders is het verlies voor de bouwheer te groot. Daarbij komt dat een garage bouwen tegelijk erg complex is: industriebouw, maar met een high-end boetiekafwerking binnenin. En daarbovenop nog tonnen regelgeving.
In België zijn er weinig specialisten in garagebouw.
“In België zijn er weinig specialisten in garagebouw”, vertelt Jeroen terwijl hij van zijn koffie nipt. Toch laat MaMu zich niet in een hokje plaatsen. “Wij werken ook voor de hotelsector, zetten appartementsgebouwen en doen ook graag retail. En kantoren, zoals dit. Ja, het kantoor waarin wij zitten hoort bij het Delorge-complex. Wij werken eigenlijk in ons eigen portfolio”, lacht Jeroen. En dat mag er wezen. Knap kantoor, met een prachtig uitzicht vanop de vierde verdieping. Maar waarom nog een extra kantoorgebouw? “Het idee is ontstaan om het rendement van de site te verhogen. De verhuur van dit gebouw compenseert de schitterende, maar helaas ook kostelijke triple A-locatie. Een primeur, die enkel mogelijk was door de goede wisselwerking met D'Ieteren.”
Gijbels staart zich niet blind op de obstakels, zij zoeken oplossingen.
En de wisselwerking met Gijbels? “Het is zalig om met een aannemer te werken die méédenkt. Gijbels staart zich niet blind op de obstakels, zij zoeken oplossingen. Zo vorm je een topteam. Want de tijd is voorbij dat de architect een alleenheerser kon zijn. Je moet een teamspeler zijn. Milieuvoorwaarden, isolatienormen, brandveiligheid, toegankelijkheid voor mindervaliden, energieprestaties, er komt zo veel bij kijken dat je sterke partnerships met specialisten moet aangaan.” Jeroen spreekt vlot en vol overgave over zijn vak. “De bouwheer voelt dat, als architect en aannemer goed samenwerken. Zo kan je binnen de grenzen van planning en budget toch maximaal creatief zijn.” MaMu wilde bijvoorbeeld geen windverbanden in het Delorge-gebouw (kruisingen die beletten dat een gebouw kan scheeftrekken). Bij menig aannemer zou dat meteen op een njet stuiten. “Gijbels suggereerde om de betonkernen uitzonderlijk sterk te wapenen, zodat stabiliteitsverbanden niet nodig waren. Daar hebben ze wel even op moeten studeren en rekenen, maar het is gelukt. Klasse.”
De 2 belangrijke flows in een garage.
“Je hebt 2 belangrijke flows in een garage”, legt Jeroen uit. “Je hebt het traject van de nieuwkoper, het retailgedeelte: parking, showroom, toiletten, verkoopruimtes om simulaties te maken en offertes te bespreken. Dit deel is een echte winkelomgeving en moet dus tot in de puntjes afgewerkt zijn.” “Daarnaast heb je het logistiek veel complexere naverkooptraject: de parking voor herstelvoertuigen, al dan niet met opvangbakken voor mogelijk lekkende wagens, de werkplaats zelf, voorzieningen voor gescheiden afval, het magazijn en toegang voor (nacht)leveringen. Echt een heel kluwen.” Jeroen legt het zo helder uit dat de realiteit waarschijnlijk nog veel complexer is dan het nu al klinkt. “Het zijn echt 2 totaal verschillende werelden die je naadloos aan elkaar moet koppelen. Want ook klanten die voor een herstelling komen, wil je in contact laten komen met de nieuwe wagens. Zien doet verkopen. Ja, ook daar houden wij rekening mee.”
Ruimte om kosten en timings verder te optimaliseren.
“Als architect ben je dus ook een Voordenker”, besluit Jeroen. “Kan je nagaan hoe snel een volledig team van voordenkers kan schakelen. Zo blijft er nog ruimte over om kosten en timings verder te optimaliseren.” Geike hoeft helemaal niets te optimaliseren. Ze begeleidt ons zonder enige stress naar de uitgang. Jeroen geeft me nog zijn kaartje mee en zegt met de knipoog: “Als je ooit ergens een kantoorgebouw wil zetten, bel me maar.” “En”, lacht hij, “ik ken ook nog wel een goeie aannemer.”